Author Archive for Pieter-Bas van Wiechen

De Nederlandse politiek als absurd fenomeen

Dat politiek in België en Nederland verschillen als dag en nacht heb ik in anderhalf jaar Brussel meer dan eens mogen ervaren. In Nederland werd vaak wat smalend naar België gekeken. Met puur leedvermaak werd er gesproken over het succes van het Vlaams Belang, de taalstrijd, de vallende regeringen, de vriendjespolitiek met zijn dienstbetoon en al die politici die in meerdere volksvertegenwoordigingen zitten en dat doodleuk combineren met  burgemeesterschap.

Groot was in Vlaanderen dan ook het plezier toen Balkenende aantrad als premier. Wat een dankbaar satire-object was deze stijve hark? Ik ben bij onze zuiderbuur niemand tegen gekomen die onze premier charismatisch vond. Balkenende zou in België al heel blij mogen zijn met een plekje op de achterbanken van een gemeenteraad.

De laatste tijd valt er voor de Vlaming en de Waal nog meer te smullen als het om de Nederlandse politiek gaat. Inmiddels hebben wij de PVV die het Vlaams Belang rechts inhaalt en blijkt Balkenende net zo min als Leterme in staat een regering bij elkaar te houden. ‘Ha ha!’ is de ondertoon. ‘ Eindelijk hebben wij ook ons leedvermaak over het noorden!’

Prutsende politici zijn altijd leuk maar deze week werden onze zuiderburen getrakteerd op een fenomeen dat in hun ogen wel heel goed past bij de soort humor waar ze van houden: het absurdisme. Vooral in Vlaanderen was het opstappen van Camiel Eurlings en Wouter Bos totaal onbegrijpelijk en bizar. Een politicus die opstapt voor zijn gezin? Een politicus die een andere (maatschappelijke) carrière kiest? Hoe is het mogelijk? Ze braken er hun hoofd over. Hoe combineren de eigen ‘polititiekers’ als Bart De Wever hun werk met gezin?

Een echt goede analyse kwam, hoe kan het ook anders, van Steven De Foer die als laatste Vlaamse correspondent van 1997 tot 2000 in Nederland woonde. De journalist van De Standaard schreef een scherpe analyse van het verschil tussen de Nederlandse politicus en Belgische. In België ben je politicus voor het leven, zo meent De Foer. Het is je beroep en als je een carrière-switch maakt, was er vast iets mis met je kennis en kunde. Wij Nederlanders zijn ook meer avonturiers en sneller geneigd een wild plan uit te voeren, zien we politiek als een tijdelijke baan en is het willen zorgen van je gezin niet klef.

Lees hier in De Standaard ‘Lekker met de kindjes spelen’ van Steven De Foer.

Op naar Sochi!

In Vancouver was tijdens de Olympische Spelen net geen Belgische schaatser te bewonderen. Onze held Kris Schildermans strandde op de meest lullige plek die je als sporter met Olympische droom maar kunt hebben: hij was eerste reserve op de 5000 meter. De Belg reisde wel af naar naar Salt Lake City om daar af te wachten of er iemand uitviel. Maar helaas, niemand werd ziek, zwak, misselijk of geblesseerd en dus moest Kris de resultaten van zijn noeste trainigsarbeid op het supersnelle ijs van Utah botvieren. ‘Nieuwe besttijd voor mij vandaag op 1 ronde… Goed bezig,’ zo twitterde hij. ‘Ik begin in vorm te komen en smijt met mijn energie vanaf nu. Sparen hoeft niet…’  Treurig om te lezen dat hij zijn goede vorm niet op het hoogste podium mocht laten zien. Het bleef niet bij een energie-explosie op het ijs. Op de dag van de tien kilometer twittert hij gefrustreerd over de reserve op 10 kilometer: ‘Vervanger voor Fabris mist telefoontje. Goed bezig Patrick Beckert en Duitse ploeg!!!’ De 10 kilometer is eigenlijk de favoriete afstand van Schildermans ook al mag hij hem zelden tot nooit rijden. Ik weet zeker dat hij het onderste uit de kan had geschaatst onze Kris.

Het valt ook niet mee om schaatser uit België te zijn. Kijk maar naar dit interview op TV Limburg waar Kris zelfs moet uitleggen wat voor sport dat is schaatsen:

Maar er is hoop. Kris is nu 25 jaar dus theoretisch kan hij nog door tot Sochi in 2014. Nog hoopvoller voor de Olympische toekomst is Quinten Van De Sande een junior van 13 die indrukwekkend hard schaatst voor een Belg. Tijdens de Vikingrace reed Quinten in een internationaal deelnemersveld vol snelle Ollanders steeds rond de 12e/13e plaats en liet daarmee velen junioren uit de schaatsnatie bij uitstek achter zich. Op dit filmpje (rond 7 minuut 34) en deze (5.14) kun je het talent in actie zien.

Nu maar hopen dat Quinten doorzet zowel op schaatsgebied als met drummen dat hij ook goed schijnt te kunnen. Stiekem hoop ik dat hij als zeventien jarige junior Sven Kramer kan bedreigen in Sochi. Dus: Beste Quinten stop niet en ga door! Geef niet op want je kunt mooie dingen bereiken, zeker op schaatsgebied.  Je weet zelf dat als je Nederlanders sportief echt te kakken wil zetten, winnen bij het schaatsen nog veel cooler dan winnen bij voetbal. Denk maar aan die keren dat een Ollander een belangrijke wedstrijd veldrijden won! Nog even en deze cartoon van mijn vriend KIM…

Kan veranderd worden in deze:

Viezer & (dus) beter dan Kris & Koen…

Afgelopen weekend was het Uitmarkt in Amsterdam. Voor alle lezers in het zuiden: dat is de opening van het culturele seizoen in Nederland. De Uitmarkt heeft wel wat weg van die vele festivals die je bij jullie op vrijwel elk dorpsplein vindt. Dit jaar was de Dam het centrale punt en dus deed ook Vlaams-Cultuurhuis De Brakke Grond mee. Met natuurlijk louter cultuur uit het zuiden.

Uw mannelijke reserve Belg van Leven op Pluto had de eer op zaterdag ceremoniemeester te zijn in dit stukje cultureel Belgisch grondgebied. Daar speelden namelijk diverse Vlaamse bandjes. Onder hen ook The Violent Husbands die samen met zangeres Mira zorgden voor het ongetwijfeld heetste moment van de ganse flUitmarkt. Met pornografische Duitse snorretjes, hitsige heupbewegingen en een hoop kwijlbakkerij brachten zij namelijk schuine liedjes uit Vlaanderen waarvan sommigen al meer dan honderd jaar oud zijn.

Ik kreeg er rode oortjes van net als de NPS die deze zuiderlijke viezerikken natuurlijk meteen wisten te vinden:

(overigens bleken The Violent Husbands niet alleen goed in schunnigheid, ook van een pintje waren deze Bruggenaren niet vies. Al met al was ik een dag en een nacht lekker terug in mijn reserveland. Met een heerlijke kater als gevolg…)

Kris & Koen schrijven eindelijk een goede tekst

Kris & Koen Wauters (u weet wel van het bandje Clouseau) hebben eindelijk een min of meer protestliedje geschreven. Ze breken een lans tegen splitsen en voor België. Al heeft VTM het fragment hieronder wel wat Flamingant geknipt…  Ze vragen of er ook Franstalige versie komt, de voice-over zegt van niet terwijl je Koen net erna ‘alhoewel’ hoort zeggen. Wij vinden dat ze onmiddelijk de studio in moeten gaan voor een Franstalige versie. Dat levert vast nog meer dagen Sportpaleis op.

Overigens: Sophie laat weten dat ze Kris tegenwoordig stiekem leuker vindt dan Koen!

Le Ricciotti Ensemble vient voisiner en Belgique!

Oftewel: het Ricciotti Ensemble komt buurten! In Nederland, in Frankrijk maar vooral ook in België. Leven op Pluto hielp Neerlands meest bekende straatorkest aan wat optredens in Brussel en Charleroi. Zie hier een compleet overzicht van de concerten in Belgie:

Zaterdag 1 augustus

20.30 Festival de prAms, Scheldekaai, Antwerpen

Zondag 2 augustus

10.00 Sint Jansplein, Antwerpen

12.30 Grote Markt, Antwerpen (i.h.k.v. Iron Man)

16.30 COC Linkeroever, Antwerpen Linkeroever

21.00 Buurtfeest 3 gemeenten, Gentbrugge

Maandag 3 augustus

10.15 Rustoord Toevlucht van Maria, Gent (Besloten concert)

14.00 Bonnevie Parc, Bruxelles/Brussel, Molenbeek

21.00 Lang Levenstraat/Rue Longue-Vie, Brussel/Bruxelles, Matongé/Ixelles

Dinsdag 4 augustus

10.00 Psycho-Sociaal Centrum Elsene, Brussel, Elsene (Sociaal Openbaar optreden)

12.00 Atomium, Bruxelles, Laken

18.30 Gevangenis Leuven, Leuven (Besloten optreden)

21.30 Rockerill, Charleroi, Marcinelle

Woensdag 5 augustus

10.30 Theater Vecteur, Charleroi, Centre

Klik hier voor meer informatie over het orkest en de data in Nederland en Frankrijk!

In Charleroi

Het blijft een van de meest fascinerende plaatsen van België: Charleroi. De stad heeft alles om hem onaantrekkelijk te maken: stinkende industrie, maffia, lelijke straten en weinig gezelligheid. De kroegen gaan er vroeg dicht zo ondervonden wij de drie keer dat we de stad bezochten. Leuker is wellicht de City Safari die je kan doen. Een rondleiding langs de lelijkste plekken van de stad, inclusief de woning van Dutroux, de plaats waar de moeder van Magritte zelfmoord pleegde en een berg cokes.

Ook verschillende Vlamingen hebben iets met de stad. Tom Pintens (ex-Zita Swoon) bezong de rokerige stad zelfs:

Nederlanders in Brussel

Normaal bericht Leven op Pluto alleen over Belgie. Maar er zijn van die grensgevallen… In de aanloop naar de Europese verkiezingen maken wij namelijk reportages over de EU. Die verhalen spelen zich voor een deel af in Brussel.

Beluister hieronder een radioreportage die ik maakte voor het Vpro programma Visie Versa (Radio 1). Onderwerp: de vraag waarom jonge, ambitieuze Nederlanders vaak hun carriere beginnen in Brussel om daarna zodra ze kunnen voor Den Haag te kiezen. Luister hier:

De schoonste straat van Brussel?

Normaal is over onze straat vrij weinig te melden. Wij zijn slechts een verbindingsstraat tussen de vrij chique Koningsstraat en de allochtone Haachtsesteenweg, ook wel klein Anatolie genoemd. Het enige dat onze straat misschien wat afwijkend maakt is dat er een grens doorheen loopt. Wij wonen in Sint-Joost-Ten-Noode terwijl onze overburen Schaarbeek als gemeente hebben.

Woensdagochtend was het ineens gedaan met de relatieve rust. Een agent belde aan om te vragen of de auto voor de deur misschien van ons was, er werd een tent midden op straat gezet en uit alle windrichtingen kwamen straatvegers in hun fluoriserende gele pakken. Parmantig houdt een lange grijzende oom agent de schoonmakers en het publiek in de gaten. “Misschien worden jullie nu wel de schoonste straat van Brussel!” grapt hij wijzend op de vegers. “Vandaag opent hier de nieuwe hang-out van jouw straatvegers en er is hoog bezoek op komst.”

Het hoge bezoek blijkt burgermeester Jean Demannez van Sint-Joost-ten-Noode te zijn. Samen met zijn schepen (wethouder in België) Ahmed Medhoune spreekt hij de menigte toe. Trots zijn ze op het nieuwe centrum van een schonere gemeente. En ik moet zeggen: onze buurt kan wel een stevige voorjaarsbeurt gebruiken.

Het ziet er allemaal veelbelovend uit. Een gloednieuw pand ontworpen door een architect die het experiment niet schuwt. Ik loop naar binnen en ook daar ziet het er allemaal strak uit. Als ik het kantoor van de baas binnenloop moet ik ineens lachen. Er staat een groot, hypermodern bureau dat niet zou mistaan in het office van de CEO van beursgenoteerd bedrijf. Maar de enorme tafel is nagenoeg leeg, er staat alleen een oude elektrische typemachine op.

Eenmaal buiten lukt het mij niet de glimlach te onderdrukken. Voor het pand staan tientallen bezemwagentjes schuin in het gelid. Ze zien er nog precies zo uit als honderd jaar geleden. Een soort kruiwagen met een vuilnisbak voorop en achterin een tweede bak voor een schep en een bezem. Dit is zo België: hopeloos verouderd in een modern jasje.

Elke dag dodenherdenking

In België wordt er elke dag een dodenherdenking gehouden. In Ieper om precies te zijn. Herdacht worden daar nog steeds de doden die rond die stad vielen tijdens de Eerste Wereldoorlog. Omdat wij Nederlanders maar een keer per jaar de doden herdenken, zaten wij er maandagavond helemaal klaar voor. Toch vloog de tijd en misten we het moment. We hielden ons eigen momentje stilte en vertelde daarna bij BNN Today op Radio 1 hoe de Belgen de doden herdenken.

Helaas kwam ik er in onderstaand fragment niet aan toe om aan de hand van monumenten te illustreren hoe ingrijpend die Eerste, Grote, Oorlog was. Al een paar jaar bestudeer ik in Franse en Belgische dorpjes de monumenten van het Eerste Wereldoorlog. Meestal is dit een zuil midden in het dorp, daarop staan dan eindeloze rijen jonge mannen die tussen 1914 en 1918 het leven lieten. Over het algemeen is er op zo’n zuil ook een bordje gespijkerd met de gevallenen uit de Tweede Wereldoorlog. De verhouding tussen die twee is over het algemeen 1 staat tot 10. Om maar even aan te geven hoe dramatisch die oorlog was.

Luister hier naar mijn BNN bijdrage:

 
icon for podpress  Standard Podcast: Play Now | Play in Popup | Download

Onze Eerste Ronde

Tja, wie in België woont moet een fiets-gen ontwikkelen. Wij waagden ons er vorige zomer voor het eerst aan. En we moeten zeggen: fietsen in België is inderdaad een van de mooiste dingen die er is.  Maar toch wilden we de echte mannen en vrouwen ook eens aan het werk zien en dus togen wij zondag naar Vlaanderens Mooiste: De Ronde van Vlaanderen. Samen met Maurice Denis (jawel vernoemd naar de eerste winnaar van de Tour de France: Maurice Garin)  namen wij de auto en reden westwaarts. Langzaam maakt de Brusselse tweetaligheid plaats voor Nederlands. Wanneer we Ninove inrijden blijken we ineens tegen de renners in op het parcours te rijden, een zindering trekt door ons heen. Hier wordt straks de koers beslist. Behalve dranghekken en lokale bromsnorren is er nog niet veel te zien. Nadat we onder het poortje van de laatste kilometer gehad hebben, rijden we de fuik van de Ronde binnen. Na enkele kilometers is De Ronde ineens overal. We willen kasseien en een fijne helling zien. Naar Velzeke willen we, maar als we in de buurt komen blijken de renners daar al gepasseerd, Mater dan? Halen we niet. We besluiten richting Oudenaarde te gaan, maar waar precies? Doelloos rijden we rond totdat we op een groepje mensen stuitten. We parkeren de auto en stappen uit. Bingo! We blijken bij Eikenberg te zijn en krijgen wat we willen: kasseien en een helling.

“Over een minuut of tien passeren hier de vrouwen!” weet een oudere man. En inderdaad niet veel later racen de vrouwen aan ons voorbij. Zodra de laatste dame is gepasseerd stuiven de bezoekers uiteen, op zoek naar de volgende spot. Naast de wielrenners blijkt half Vlaanderen hier aan sport te doen. Doel: het peleton zo vaak mogelijk zien passeren. Ze vervoeren zich per motor (voor de handigen), fiets (voor de fanatiekelingen) en kwat (voor de stoere opgeschoten jonkies). “De auto is hopeloos,” vertelt een jonge fabrieksbeveiliger terwijl hij aan een shaggie lurkt. “Sta je alleen maar in de file. Ik heb de vrouwen nu al drie keer zien passeren. Maar ik ga, ik moet verder… De mannen komen hier later deze middag, tot dan.”

We hadden zo gehoopt dat wij ook op een plek of drie de snelheidsduivels konden toejuichen maar om dat te doen blijkt dat je de omgeving heel goed moet kennen. Op aanraden van de vriendelijke beveiliger lopen we naar de plaatselijke manege waar de lokale bevolking zich voor de TV heeft verschanst. We beginnen met koffie maar niet veel later geven we toe en laten het eerste pintje door onze slokdarm stromen, net als iedereen om ons heen. Het wordt steeds drukker en net terwijl wij ons tweede glaasje nemen, vertrekt iedereen. Haastig nemen wij de laatste slokken en volgen de Vlamingen. Na een wandelingetje over kasseien en een knollenland komen we aan op het hoogste punt van de Eikenberg. We blijken niet de enigen. Duizenden Vlamingen, Nederlanders en opvallend veel Britten vermaken zich.

Om ons heen wapperen de Vlaamse vlaggen. Ook wij krijgen een geel-zwart vlaggetje in handen gedrukt, van de Vlaamse Volksbeweging, een club die zich o.a. met dit soort “bevlaggingsacties” inzet voor een onafhankelijk Vlaanderen. Het vlaggetje voelt niet goed, veel te Nationalistisch voor ons Ollanders zonder H. We stoppen ons exemplaar veilig in een tas. De spanning stijgt en als we de helikopter horen aankomen. Het gejuich en koebellen op de berg zwellen aan. Even later zien we de renners, met hun tong op de trappers hun fiets in bedwang houden, de dunne wieltjes lijken vooral de richeltjes tussen de kinderkopjes op te willen zoeken. Je moet het kunnen, rijden over zo’n hobbelige ondergrond. Het is een Belgische specialiteit, vandaar dat we ook veel Vlamingen in het begin van de koers zien. Als de meeste renners gepasseerd zijn, ploeteren wat achtergebleven Raborenners en Colombianen de berg nog op. Ze worden aangemoedigd vooral door te gaan. De meesten nemen deze col nog mee, slecht twee renners van de Spaanse ploeg Euscartel geven op en rijden over de snelweg naar de meet in Meerbeke.

Een tweede plek om de wielercracks te zien, blijkt iets te hoog gegrepen. We besluiten terug te rijden naar het supporters-lokaal van Peter Van Petegem in Brakel. Onderweg zagen we de lokale bevolking daar al stevig indrinken.  De man die De Ronde in 1999 en 2003 won, hangt wat verlept aan het café. Van Petegem koerst niet meer maar toch de sfeer in het lokaal zit er goed in. Motormuizen, amateurfietsers en lokale gezelligheidsdieren doen zich te goed aan champagne en bier. Sommigen volgen de wedstrijd al niet meer, de meesten wel. Wij verdringen ons rond een klein scherm om te zien hoe de renners de beroemde Muur van Geraardsbergen beklimmen. Wij probeerden hem ook (link) maar leken toen halverwege stil te staan. Ook voor de profs lijkt het lastig. Weer is het een lokale held die op deze fameuze plek niet tot stilstand komt en juist een versnelling inzet. Stijn Devolder doet hetzelfde als hij vorig jaar deed en wint in zijn eentje de koers.

Applaus klinkt en de tap begint weer te stromen, een Belg op het hoogste schavot, een Vlaming nog wel. Dat is het mooiste wat er is, vinden ze. En zo werkt de Vlaming. Toen Tom Boonen vorig jaar geen enkele voorjaarsklassieker wist te winnen maar wel de internationaal vermaarde Groene Trui in de Ronde van Frankrijk mee naar huis nam, spraken sommigen toch van een matig seizoen. Een grote wielrenner in Vlaanderen dient thuis te winnen. Dat kleine denken van menig Vlaming is soms onbegrijpelijk maar op een dag als vandaag is het mooi, onbeschrijfelijk mooi en je zou zo een van hen willen zijn. In elk geval gaan we volgend jaar weer in de hoop op een wederom een Vlaamse winnaar.