Tagarchief: Frankrijk

Alphonse en de Grote Oorlog

Dit is een portret van Alphonse Froidure, de overgrootvader van Sophie. Op zijn 34e sneuvelde deze Noord-Franse bierbrouwer in de loopgraven van de Eerste Wereldoorlog. Alphonse hield een dagboek bij over zijn leven als soldaat, tot op de dag van zijn dood.

Alphonse Froidure werd in 1914 opgeroepen voor het Franse leger. De reservist en vader van vijf diende na een korte training als soldaat in Lotharingen. Honderd jaar later reizen zijn achterkleindochter Sophie van Leeuwen en Pieter-Bas van Wiechen hem achterna en bewerken ze zijn dagboek tot een radiodocumentaire in twee delen en een twitterfeed (@alphonse1880).

Wie was hij? Stierf hij een heldendood? Of was hij deserteur?

Luister hier naar deel 1 (11 mei 2014, OVT Vpro Radio 1)

Luister hier naar deel 2 (18 mei 2014, OVT Vpro Radio 1)

download deel 1 of download deel 2

Lavendel, Wijn en Kaas

Pieter-Bas runt samen met Sophie en Dima, hun zoontje van anderhalf een bed zonder breakfast in oost. Een leuke hobby al loopt het soms een beetje uit de hand.

Er klinkt gerommel in de keuken terwijl ik op de bank probeer de krant te lezen en zoon Dima hetzelfde artikel als kleurplaat gebruikt. “A table!” klinkt het niet veel later. Op de keukentafel wacht een voorgerecht. Ook tekenen de eerste contouren van gang twee en drie zich af. Ik schuif voor de zoveelste achtereenvolgende dag aan bij het gezelschap dat naast ons drieën ook bestaat uit Alain, Camille en hun zestien jarige dochter Elodie.

Een week voor hun aankomst stuurden ze een foto van zichzelf. Op het plaatje zaten ze op een bankje, hun door de zon gebronste lichamen gehuld in oranje kleding. Ze staken drie vingers in de lucht. “Trois fois hourra pour Willem, le nouveau roi des Pays-Bas!” stond eronder geschreven. Alain, Camille en Elodie waren zich kennelijk goed aan het voorbereiden.

Het is inmiddels een vast patroon: als er Fransen op bezoek zijn, slooft Sophie, zelf half Frans, zich enorm uit. Maar het is nu erger dan normaal. Deze gasten komen namelijk uit Nîmes in de Provence. Dit gebied is voor mij een langgerekte, zwoele vakantieherinnering. Voor Sophie, met haar familie uit het regenachtige Noord-Frankrijk, spreekt dit gebied van lavendel, zon en honing ook tot de verbeelding.

Al op de eerste avond zorgde Sophie voor een fraaie wijn en sloeg ze op de Dappermarkt voor een vermogen aan Nederlandse en Franse kazen in. Een warm welkom dat kon rekenen op een passende reactie van onze gasten: Franse wijn uit Nîmes en een typisch provencaals drie gangenmenu. Sophie bood in wild enthousiasme aan de volgende dag een diner te bereiden.

Daar zitten we weer. Na de taboulé en de quiche komen natuurlijk de kazen tevoorschijn. Sophie heeft vandaag pakken wijn in plaats van flessen gehaald. Terwijl ik om mij heen zie hoe kazen met messen worden aangevallen en ik grote brokken soepel en zonder toostje in monden zie verdwijnen, realiseer ik mij dat ik eigenlijk best vloeiend Frans kan. Ik zet een plaat van Gainsbourg op en begin eindelijk over de broodnodige hervormingen in Frankrijk en wanneer die eindelijk komen.

Om twee uur is de laatste druppel wijn op en is er van de kazen weinig meer over dan wat verfrommelde papiertjes en korsten. We gaan naar bed en worden uitdrukkelijk uitgenodigd in Nîmes. “Wat voor gasten hebben we volgende week?” vraag ik Sophie, eenmaal in bed een beetje angstig als ik zie hoe laat het is. “Een stel van boven zestig en ze zien er niet heel spannend uit,” zegt ze turend naar haar mobiel. Gelukkig, denk ik, eindelijk rust. Ik draai me om en val in een diepe, diepe slaap.

ilustratie: Ytje

De shockerende Sacre in brave tijden

Roger Bernat en Pierre Sauvageot brengen beiden een eigen interpretatie van Le Sacre du Printemps, de wereldberoemde compositie van Igor Stravinsky die precies honderd jaar geleden zijn première beleefde in Parijs. Dat moment staat te boek als een van de meest roerige uit de theatergeschiedenis. Kunnen we op Oerol nog wat opschudding verwachten?

Uit de grond gerukte pollen helmgras die door de lucht vliegen, publiek dat elkaar woedend met Nordic Walking-stokken en zwiepende Gaastra-jassen te lijf gaat, en een cordon ME-ers dat in moet grijpen om gemoederen te bedaren. Het had zomaar een tafereel kunnen zijn in de duinen van Terschelling, als Oerol honderd jaar geleden al had bestaan. Een schril contrast met het brave festivalritueel nu: het publiek kijkt een voorstelling meestal helemaal uit, applaudisseert (vaker met staande ovatie dan zonder) en laat zijn eventuele afkeer hooguit na afloop blijken, in keurige bewoordingen.

Kan kunst nog wel shockeren? Componist Pierre Sauvageot, die in de haven zijn nieuwe Sacre du Printemps laat horen, denkt inderdaad dat het voor de kunsten tegenwoordig lastig is de wereld op zijn grondvesten te laten trillen: “Ik zou het wel willen, maar kunst heeft een minder belangrijke positie in de samenleving dan honderd jaar geleden. Veel kunst is op elkaar gaan lijken, en dat geldt vooral voor de klassieke en populaire muziek. Het publiek weet precies wat het kan verwachten als het naar een concert gaat. Zeker de klassieke muziek is eigenlijk helemaal klaar. Ik vraag me dan steeds af: waar is de krachtige ervaring die muziek kan hebben? In een tijd waarin muziek altijd en overal om ons heen is, ga ik daarnaar op zoek. Het gaat om echt luisteren en samen iets meemaken. Soms moet het juist om hele kleine geluiden gaan, zoals bij Harmonic Fields in 2011. Nu probeer ik door de locatie en mijn bewerking een portret te maken van onze samenleving.”

De Sacre du Printemps is inmiddels van schandaalstuk verworden tot standaardrepertoire. “Het is een soort heiligdom geworden dat niemand durft te veranderen… behalve ik,” zegt Sauvageot met een ondeugende blik. “Puristen zullen het vreselijk vinden, maar ik heb voor mijn Sacre de partituur van het stuk genomen en alle westerse instrumenten eruit gegooid en ze vervangen door andere geluiden die heel ver van het origineel staan. Ik gebruik veel omgevingsgeluiden die met reizen te maken hebben, maar ook radiofrequenties, dieren en instrumenten uit Azië en Afrika. Ik heb het stuk eigenlijk bewerkt zoals Andy Warhol Monroe in een nieuw daglicht zette. Ik geef een ode aan Stravinsky’s werk juist door het te veranderen.”

Sauvageot liet het verhaal van het ballet Le Sacre du Printemps buiten beschouwing. “Ik vind het verhaal niet zo interessant, het is voor mij te links-rechts.” Bij The Rite of Spring van Spanjaard Roger Bernat speelt het verhaal juist een grote rol en staat de muziek minder centraal. Bernat baseert zijn voorstelling op de balletversie van Pina Bausch, die in 1975 een revolutionaire nieuwe choreografie op het stuk maakte. “In het verhaal wordt een maagd geofferd aan een zonnegod. Haar bloed is nodig om het land weer vruchtbaar te maken. De Sacre gaat eigenlijk over de relatie van onszelf met de mensen om ons heen. Het oncomfortabele gevoel iemand in een groep te moeten offeren, dat fascineert mij enorm.”

(Roger Bernard & Pierre Sauvageot. foto: Geert Snoeijer)

In zijn Sacre speelt Bernat met de conventies in het theater en de kunst. “Het mag allemaal niet te makkelijk worden”, zegt de Catalaan stellig. “Mensen zijn zo gewend om eendimensionaal naar voorstellingen te kijken. Relaxed zittend op een stoel en dan een voorstelling over je heen laten komen. Ik vind het vreemd dat het vrijwel altijd zo gaat. Het lijkt wel of de bezoekers hun lichaam zijn vergeten. Dat zie je eigenlijk overal in onze samenleving: je zit op kantoor achter je scherm of je laat je lichaam gedachteloos handelingen uitvoeren. Ik wil dat doorbreken door de ruimte, het publiek en hun lichaam anders te benaderen.”

De Sacre van Bernat zal bij sommige bezoekers misschien licht ongemakkelijke gevoelens oproepen, maar het lijkt er niet op dat mensen van zijn werk zo ondersteboven zullen zijn als bij die beroemde première van honderd jaar geleden. “Theater is als kunstvorm misschien niet meer zo belangrijk als toen, maar op kleinere schaal is het nog altijd mogelijk zaken ter discussie te stellen. Een paar jaar geleden maakte ik bijvoorbeeld een voorstelling waarin naakte mannen dansten. Dat leverde bij de kranten een discussie op of je naakte mannen wel af kon beelden. Terwijl een ontklede vrouw meteen geplaatst werd.”

“Echt shockeren is tegenwoordig meer iets voor de massamedia, maar het is goed om te zien dat het nog altijd kan”, weet Bernat. “Kwesties rond religie roepen nog altijd felle reacties op en datzelfde geldt voor zaken als homoseksualiteit, zoals we onlangs in Frankrijk hebben kunnen zien. Natuurlijk, het werkt nu anders dan honderd jaar geleden. Toen zat de hele Parijse elite in dezelfde theaterzaal terwijl de mensen die er nu toe doen veel meer versnipperd zijn. We moeten ook niet vergeten dat we het verhaal van de première in 1913 misschien ook wel een beetje romantiseren. Wellicht werden in die tijd veel vaker premières verstoord, maar kennen we die verhalen nu niet meer omdat het minder indrukwekkende kunstenaars waren. Maar het is duidelijk dat we nu veel meer discipline hebben. Niet alleen in het theater maar overal, dat zie je heel goed in mijn thuisland Spanje. Zelfs nu meer dan de helft van de jongeren werkeloos thuis zit zijn alle demonstraties, als ze er al zijn, braaf vergeleken met die uit de jaren zestig of tachtig.”

Roger Bernat – The Rite of Spring. 14 t/m 22 juni, 22.00 en 23.10 uur, Locatie 11 Voetbalveld West – West, € 13

Pierre Sauvageot / Lieux Publics & Cie – Igor Hagard, a Railway Rite. 15 t/m 23 juni, 11.00, 12.00, 13.00, 14.00, 15.00 en 16.00 uur, Locatie 2 Strekdam – West, met entreeband.

Ja, u ziet het goed!

Ja, u ziet het goed. Dit is onze eigen Sophie die haar debuut maakt op de Franse televisie bij France 24. Sophie maakt de laatste maanden stormachtig carrière in de Franstalige media met dank aan Bea en WA. De filmpjes zijn helaas niet meer online te zien, u moet het doen met de foto!

Het wonder van Lille

Hoe Franse brilnerds en hipsters miljoenen euro’s verdienen? Na het wonder van Eindhoven, nu ook het wonder van Lille! Deze reportage maakte ik in een oude textielfabriek in Noord-Frankrijk voor VPRO Bureau Buitenland:

Of klink hier als je geen flash hebt.

Aangenaam Sint Maarten

Huh? Zijn we in het verkeerde vliegtuig gestapt? Zijn we terug in Albanië, het land dat we eerder dit jaar bezochten? Met onze spierwitte huurauto ontwijken we gaten in de weg terwijl we een onwaarschijnlijke reeks huizen en resorts voorbij zien trekken. Net als in Albanië is een aanzienlijk deel daarvan maar half af. Even later zien we links en rechts vettige bekende eetketens, casino’s en een USA market terwijl ons vooruitzicht wordt belemmerd door een enorme hummer-achtige bolide waar ons Hyundai-tje een mier bij lijkt. Zijn we dan op een Amerikaans eiland? Om ons heen klinkt Engels en er worden hier om de haverklap cruiseschepen vol cliché-matige Amerikanen losgelaten. Dus zou je bijna denken ‘This is Amerika’, maar niets is minder waar: we zijn ‘gewoon’ in ons eigen Koninkrijk der Nederlanden maar dan wel acht uur vliegen van huis: ‘Welcome to Sint Maarten, the friendly Island.’

In anderhalve dag hebben we geprobeerd sporen van Nederland te vinden maar zelfs met een vergrootglas kwamen we niet echt veel verder. De verkeersborden, het enige stoplicht en de tekst op de auto’s van de overheid (Politie en Brandweer) zijn op het eerste gezicht het enige herkenbaar als Nederlands. En o ja: In de hoofdstad Phillipsburg zit een winkel die Dutch Cheese aan toeristen probeert te slijten. Maar verder? Bijna niets.

Het is zelfs bijna lastig hier een geboren Sint Maartenaar met Nederlands paspoort te vinden. Die maken namelijk maar 20% van de bevolking op het eiland uit. Dus kwamen onze willekeurige gesprekspartners de afgelopen dagen uit Haïti, Saint Vincent, Jamaica, Nigeria, India, Saint Lucia en o, ja toch uit Nederland want we logeren bij een Nederlands stel hier. De ouders van een vriendin in Nederland.

Ik ben tamelijk opgetogen over deze reis die we de komende drie weken maken. Als kleine jongen zat ik vroeger vaak uren gebogen over pagina 149 van de Grote Bosatlas. Op die bladzijde stonden namelijk de Nederlandse Antillen en Suriname. ‘Die Antillen zijn van Nederland,’ leerde mijn vader me de halve waarheid. Nederland en toch zover weg aan de andere kant van de wereld? Daar moest en zou ik ooit een keer heen.

Voor Sophie is de reden om dit eiland te bezoeken een andere. Ze wil naar het huis van haar grootouders. Niet dat die in ooit op Sint Maarten geweest zijn maar ze waren wel Frans net als de helft van dit eiland. Eigenlijk is Sophie zelf een Sint Maarten: half Frans, half Nederlands.

Zonder dat het opzet was had Harry, onze gastheer dezer dagen, een leuke verrassing voor Sophie in petto. We gingen uit eten en wel net over de grens in het Franse deel. Zodra we de grens over waren was het asfalt zo glad als een spiegel en waren alle teksten om ons heen Frans. Harry wilde met ons eten bij zijn favoriete pizzeria, maar toen die dicht bleek viel Sophie’s oog op een eettentje verder ‘Zullen we anders naar die Crêperie?’ Harry en ik waren niet te beroerd en stemden in. We kregen de menukaart van een zeer herkenbare, keurige Franse serveerster en Sophie bestelde stralend ‘Un Crêpe Raclette avec un verre de rosé, Cote de Provence s’il vous plait,’ en tot ons: ‘het lijkt hier wel de Cote Azur!’

Feest der herkenning voor Sophie maar niet voor mij die vooral voor het Nederlandse deel hier is. Maar wat maakt dat uit? Ik was zelf altijd al meer van de Balkan dan van Frankrijk. Het beloofd dus voor ons beiden dus een mooie reis te worden…

O, ja hier twee foto’s van ons wonderschone uitzicht vanaf de veranda:

en…

Journalisten Pieter-Bas en Sophie reizen de komende drie weken langs alle eilanden van de Nederlandse Antillen in het kader van 10-10-10, de datum dat alle eilanden een nieuwe relatie met Nederland krijgen. Sint Maarten en Curaçao worden aparte landen binnen het koninkrijk terwijl Sint Eustatius, Saba en Bonaire bijzondere gemeenten worden.

Op de koffie bij Contador

Jendelo Paula en Alistair Monte hadden donderdag de ontmoeting van hun leven: de twee Curaçaose wielertalenten hadden ruim twintig minuten een exclusief gesprek met de tourwinnaar van 2007 en 2009 en de grote favoriet voor 2010: Alberto Contador.

In Rotterdam start zaterdag de belangrijkste wielerkoers van het jaar de Tour de France. In de Maasstad verkennen de coureurs het parcours, zoeken wielerfanaten een laatst overgebleven slaapplaats en zet de politie de route uit. Voor de hotels hangen hongerige fans en journalisten in de hoop een glimp op te vangen van grootheden als Contador, Armstrong of Geesink.

Wachten was niet nodig voor Paula en Monte. Als logés en speciale gasten van Leo van Vliet, de Nederlandse Bondscoach van de wegrenners en organisator van de Amstel Race op Curaçao, konden ze gewoon doorlopen. Niet veel later zaten ze tegenover hun held Contador. “We hebben zeker twintig minuten met hem gepraat over de route van de Ronde van Frankrijk en hoe hij zich voorbereidt,” vertelt Monte. “Het was een bijzondere ontmoeting.”

Prijs
Monte en Paula wonnen hun reisje naar Rotterdam door hard te fietsen. “Jendelo heeft tijdens de laatste Amstel Curaçaorace de jongerenprijs gewonnen,” vertelt Monte. “Ik had het geluk mee te mogen.”

Het duo is al enkele dagen in Nederland en maakte van de gelegenheid gebruik om te trainen met enkele ervaren vrienden van Leo van Vliet. De komende dagen zullen de jongens de proloog en de eerste etappe van De Ronde van Frankrijk volgen. Ooit hopen ze beiden zelf te schitteren in deze wereldberoemde wedstrijd. Tot die tijd prijkt op hun bureau in ieder geval een foto van henzelf en hun held Contador.

Vive la France!

‘Ik hoorde dat jullie Vlaanderen bij Nederland willen plakken,’ riep een Vlaamse vriend enkele maanden geleden lachend tegen mij. ‘Niet dat wij dat willen. We kunnen het zelf wel.’ Het was een reactie op de verschillende peilingen waaruit bleek dat veel Nederlanders het wel zagen zitten als we het mooie Brugge en gezellige Antwerpen bij ons landje zouden komen. Er is zo ongeveer geen Vlaming die dit een reële optie vindt, ze vinden het maar een arrogant ‘Ollands’ idee.

De Walen voelen veel meer voor hun taalgenoot Frankrijk zo bleek dinsdag uit een peiling van de krant Le Soir. Ruim veertig procent ziet wel iets een in een Frans staatsburgerschap. Nu is het alleen de vraag of Parijs dit ziet zitten. Waarschijnlijk houdt Sarkozy wijs zijn mond tot deze bui overgewaaid is. Want waarom zou Frankrijk het land uitbreiden met het arme, werkeloze Wallonië? De problemen in het noordoosten van het eigen land zijn al groot genoeg.