Met de straattheatervoorstelling ‘iedereen te koop’ denderde Circus Treurdier vorig jaar over het eiland. Wie wilde dat het collectief een scene speelde of liedje zong moest betalen. Ondertussen liepen de acteurs rond in kleding met merknamen erop. “Die voorstelling is een beetje uit nood ontstaan we warenals gezelschap nog onbekend en moesten ons in kijker spelen daarnaast hadden we geen budget. En door zo openlijk op zoek te gaan naar geld hadden we ook nog een maatschappelijk thema beet.”
De markt speelt in hun nachtcafe op Terschelling een minder grote rol al is het niet helemaal afwezig. Circus Treurdier beschouwt het zoeken naar nieuwe manieren van financieren als substantieel onderdeel van het gezelschap. “De afgelopen decennia gaven we kunstenaar subsidie zodat ze in alle rust hun werk konden doen. Maar door dat systeem is er een afstand ontstaan tot de maatschappij. Doordat wij zo actief naar geld zoeken hebben doorlopen echt contact met mensen in alle uithoeken van de maatschappij. Het mooie is dat die contacten inspirerend zijn en energie geven.”
De revue achtige voorstelling Nachtcafe speelt Circus Treurdier ook in Amsterdam waar ze ook het horecadeel zelf doen. “De financiering van Circus Treurdier rust op vijf pijlers: sponsoren, traandeelhouders, horeca-inkomsten, een beetje subsidie en kaartverkoop,” legt Spijkerman uit. “Door de inkomsten te spreiden zijn wij minder kwetsbaar.”
Hoewel Spijkerman het een eer vindt om op Oerol te mogen spelen, is hij wel krtitisch op de organisatie. “We staan in Heartbreak Hotel die tijdens onze voorstelling een mooie baromzet draaien. Onze enige inkomsten komen uit de kaarteverkoop waarvan 25% voor oerol is. We hebben dus geen eigen horeca inkomsten, mogen onze sponsoren niet meenemen en eigenlijk mochten we van Oerol ook geen traandeelhouders werven. Daarvoor heb ik echt moeten vechten.”
De regelmatig in konijnenpak rondhuppelende Spijkerman is ineens bloedserieus. “Als ons de mogelijkheid niet eens wordt geboden kiet te spelen, kunnen wij, gezelschappen uit het middensegment, hier niet meer staan,” legt Spijkerman uit. “Bijhandel als verkoop van t-shirts en CD’s mag niet, je mag zelf geen drank verkopen en kaartopbrengst is laag. Kortom: op Oerol staan is duur. Dus kunnen straks alleen jonge makers die het zien als investering hier staan en gesubsidieerde gezelschappen die geld zat hebben op het festival staan.”
“Oerol zou wat oude principes overboord moeten zetten en ons de mogelijkheid moeten geven om creatief te zijn, ook op ondernemersvlak. Want wat is er op tegen als ik erin slaag om zelf mijn voorstelling te financieren?” Spijkerman is ondanks zijn kritiek dol op het festival. “De sfeer op het eiland en het publiek hier zijn geweldig en ook de samenwerking met Heartbreakhotel is fantastisch. Oerol is mijn lievelingsfestival en ik hoop gewoon dat ik hier in de toekomst ook nog kan staan.”
Circus Treurdier – Het eeuwige nachtcafe IV. 22 en 23 juni, 20.30, locatie 52 Heartbreak Hotel – oost


Deze week bezochten wij voor de allereerste keer De Munt of La Monnaie. De beroemde Nationale Opera van Belgie lijkt, met zijn overdaad aan gouden krullen, in niets op ons vertrouwde, moderne Muziektheater in Amsterdam. We vliegen terug in de tijd, klimmen via een doolhof aan gangen en smalle trappetjes omhoog naar de vijfde etage. Daarboven, onder de nok van het dak, proppen we ons in de allergoedkoopste, doorgezakte rode stoeltjes van dit barokke theater. In de verre verte turen we naar de zeer dramatische opera Pelléas en Mélissande van Claude Debussy.
Nu christendemocraten in Nederland en België weer stevig in het zadel zitten keren de jaren vijftig schoorvoetend terug in onze samenleving en loopt de humor gevaar. Satire over het koningshuis in Kopspijkers, de cartoons van Nekschot en gehandicaptengrappen van Micha Wertheim in een Roermondse schouwburg. Potverdorie, dat is toch niet grappig meer! Dit moeten we verbieden!
Wat een opluchting, deze week vond ik op Terschelling een Belgische studio die wel in staat is goed jeugdtheater te maken. Niet Studio 100 maar
Op Oerol trouwen iedereen jaar weer diverse stellen, de een op luxe wijze de ander op z’n Oerols met een receptie in een duinpan en biohapjes. Maar zo bont als de Antwerpse gezelschappen
Komt dat zien! De Koninklijke Vlaamse Schouwburg in Brussel is omgebouwd tot parlement. Het Belgische parlement. Daarin slaan Nederlands- en Franstalige politici elkaar met kranten om de oren, kramen ze onbegrijpelijke wartaal uit, regelen voor zichzelf een dure villa en doen daarna een vrolijk dansje voor de camera.
Voor talloze mensen is het een grote hobby: mensen kijken op een terras, Dit tijdverdrijf wordt in de voorstelling “

Recent Comments